Spuittechniek | 50 cm afstand tussen de spuitstukken is normaal. Maar volgens Karl Gröschl is  het te veel. Wat volgens hem de voordelen van het verspuiten op maar een beetje meer dan 30 cm afstand zijn horen we tijdens een bezoek.

Spuiten op minder dan 50 cm afstand - over spuittechniek - (5)

Als ik ’s ochtends om 9 uur op het bedrijf van Karl Gröschl aan kom, staat hij al ongeduldig bij zijn getrokken spuit. De Leeb GS 6000 zit achter een John Deere 6430 en staat rijklaar op het erf. En de Lady Rosetta aardappelen moeten tegen onkruid gespoten worden.

Dus stap ik weer in de auto en ga de 6.000 liter spuit achterna. Op de akker valt me iets op: de 27 meter uitleggers hangen duidelijk dichter op het gewas dan ik gewend ben. In plaats van de gangbare doel afstand van 50 cm zitten we hier ongeveer op de helft. En er zijn ook nog eens dubbel zo veel mondstukken aanwezig als gewoonlijk.

25 cm Mondstukkenafstand

Elke 25 cm zit er een TurboDrop inspuitmond TD 80-015 van Agrotop gemonteerd. Karl Gröschl vertelt waarom: “Bij ons was door de aard van de planten het verwaaien altijd een probleem”. Om daar wat aan te doen heeft hij gekozen voor de geringere doel afstand zoals Leeb die propageert. Het principe is als volgt te verklaren: Tot op een afstand van circa 35 cm onder de spuitmond zijn de druppels door hun snelheid erg stabiel. Daarna worden ze langzamer en krijgt de wind er meer vat op (verwaaien). Als de spuitbalk dichter dan 35 cm boven het gewas zit, dan komen de druppels al in de bladluwte voor ze kunnen verwaaien. Maar om voldoende vlaktedekking te krijgen moeten de mondstukken wel 25 cm hart op hart komen te staan.

Een voordeel van de 80º mondstuk ligt in de hogere dynamiek van de druppels.Door de kleinere inspuithoek dringen ze ook dieper door in het gewas. Bij Karl Gröschl is er om de 50 cm een dubbel spuitlichaam gemonteerd. Vanaf daar zijn de ‘normale‘ spuitmonden met 50 cm doelvlak afstand en de 80-015’ers te bedienen.

Daartussen zijn dan de houders voor de enkele spuiten geplaatst. Hier is een pneumatische enkele-spuitschakeling voor nodig. Zo ontstaat de mogelijkheid aan de kopakker met spuitmonden te werken waarvan bekend is dat ze niet gevoelig voor verwaaien zijn om dan in de volle akker weer om te schakelen. Leeb biedt hier verschillende oplossingen aan van enkele- tot viervoudige mondstukkendragers.

Een verdere noodzakelijkheid bij een afstand van 30 cm doelafstand zijn de ultrasoon sensoren aan de uitleggerarmen om het stangenstelsel met Distance-Control automatisch op de goede hoogte te houden (zie grafiek verderop). Karl Gröschl is tevreden over dat systeem. Bij het draaien aan de kopakker gaan de uitleggers automatisch omhoog via het kopakker management zodat de bomen de grond niet  raken.

Spuiten op minder dan 50 cm afstand - over spuittechniek - (2)

200 liter bij 6 bar

Karl Gröschl heeft voor zijn aardappels een mix van 0,6 liter Revus en 0,3 liter Ortiva per hectare uitgereden. De waterhoeveelheid zit tussen de 180-200 liter.  Hij heeft ook met een uitbreng van  150 liter gewerkt. De ervaringen van het afgelopen jaar hebben het voor de landbouwer duidelijk gemaakt: “Bij  6 bar druk aan de spuitmond en een rijsnelheid van 10 km/u blijft de phytophtera goed onder controle“.

Het hoofdvoordeel ziet hij door het hogere rendement door de geringere uitgebrachte hoeveelheid en het verminderde verwaaien. De TD 80-015  levert bij een werkdruk van 3-7 bar een druppelgrootte van 250-350 µm. Dat is middelfijn. Karl Gröschl is er blij over dat de spuitmonden ondanks hun geringe opening niet verstopt raken. “De neiging tot verstoppen is bij de  80-015’ers niet groter dan bij de standaard spuitmonden” bevestigt ook Karl Junior. Vader en zoon bewerken samen ongeveer 300 ha. inclusief het land van wat familie. Aardappelen zijn de hoofdmoot in hun werk. En die gaan als zetmeelaardappel of voor frites en chips, voornamelijk naar de industrie. Maïs en wintertarwe zijn de oogstwisseling. Daarvoor en vanwege het hoge aardappelaandeel wisselen de twee hun akkers met die van collega’s. Door het hoge aandeel aardappelen en de landruil bewerkt de GS 6000 zo rond de 3.000 ha/jaar.

Spuiten op minder dan 50 cm afstand - over spuittechniek - 12

Samenvatting

Vader en zoon Gröschl zijn het er over eens: de aanschaf van de Leeb spuit met zijn 25 cm spuitmonden afstand was lonend. Ondanks dat de 6.000 liter machine ze eerst te groot leek, zijn ze er nu erg tevreden mee. Ook met de extra investering van ongeveer €5.000 voor de 25 cm afstand tussen de spuitmonden is het voor de aardappel profs goed uitgepakt.

Interview

„Samen nog sterker“

De firma’s Leeb en Horsch werken samen op het gebied van de gewasbescherming. Ze hebben Leeb Aplication Systems opgericht. We spraken met Theodor Leeb over de reden daar achter.

Mijnheer Leeb, wat heeft u tot de fusie doen besluiten?

Leeb: We werken al lang met Horsch samen. De basis van Leeb gewasbescherming is gelegd bij Horsch. Ons bedrijf heeft indertijd mee ontwikkeld aan de zelfrijdende voertuigen van Horsch. Toen Horsch zich en keer uit een project had teruggetrokken hebben wij de draad opgepakt en de zelfrijdende PT 230 ontwikkeld. Later kwam daar de getrokken spuit van 6.000 liter bij. Omdat Horsch de laatste tijd zelf weer intensief met spuittechniek bezig was, en omdat we altijd prettig hebben samen gewerkt, lag deze stap voor de hand.

Wat zijn de voordelen van zo’n gezamenlijke aanpak?

Leeb: De sterke punten van de bedrijven worden gebundeld. Horsch is internationaal goed gerepresenteerd en heeft een indrukwekkende service afdeling. Leeb heeft door zijn ervaringen met de PT 230 en de GS 6.000 veel kennis in de gewasbescherming op gedaan. De synergie is enorm. We verwachten door het samengaan duidelijk een betere afzet.

Hoe zien uw productieplannen er voor de toekomst uit?

Leeb: We plannen een omzetstijging van circa 25%. En dat lijkt haalbaar.

Welke producten kunnen we in de toekomst verwachten?

Leeb: We willen een completer aanbod op het gebied van gewasbescherming brengen. Met onze huidige lijn zitten we nog in de nicheverkopen. In het getrokken segment willen we het aanbod naar onder- en naar boven uitbouwen. Op het gebied van de zelfrijders wordt een machine ontwikkeld die speciaal op de Oost Europese markt gericht is. Die moet ook de late behandeling van maïs en zonnebloemen mogelijk maken. Bodemvrijheid is hier het sleutelwoord. Door de samenwerking gaan onze ontwikkelingsafdelingen samen onder mijn leiding. Door ons nieuwe volume kunnen ontwikkelingen in de toekomst veel sneller gaan.

Waar gaat de productie straks plaats vinden?

Leeb: Landau blijft de basis voor de gewasbescherming.  Maar uitbreiding elders is natuurlijk mogelijk.

Wanneer kunnen we de eerste samen ontwikkelde machines verwachten?

Leeb: We zien de Agritechnica van 2013 als een goed platform voor de voorstelling van nieuwe techniek. Maar misschien hebben we eerder al iets nieuws te melden. Dichter op de plant betekent een mindere vernevelingshoek van het mondstuk, grote druppels en minder verwaaiing.

Automatische uitlegger geleiding

Voor oneffen ondergrond of hellende taluds is de Boom-Control, waarbij de uitleggers automatisch op hoogte gehouden worden. De Distance-Control zijn er maar twee sensoren toe gepast. Het stangenstelsel blijft recht en wordt niet geknikt.

Spuiten-op-minder-dan-50-cm-afstand-over-spuittechniek-1.jpg

Met ultrasoon sensoren wordt de afstand tot het doel cq de bodem gemeten en de hoogte van de uitleggers proportioneel aangepast.
De hele familie Gröschl is overtuigd van de voordelen van het werken met geringe spuitafstand.

Spuiten op minder dan 50 cm afstand - over spuittechniek - (4)

Vorige artikel
Volgende artikel